Informatienummer:
088-4321505
U kunt participeren in het project
Vermijdt de uitstoot van 50 miljoen kg CO2 per jaar
Elektriciteit voor ruim 24.000 huishoudens

Over windenergie

Nut en noodzaak

Het gebruik van fossiele energiebronnen heeft nadelige effecten op het leefmilieu: denk aan klimaatverandering, luchtverontreiniging, zure regen en olierampen. Windenergie heeft deze nadelen niet. De brandstoffen voor onze energievoorziening komen voor een groot deel uit politiek instabiele regio’s. Dat geldt niet voor windenergie. Windenergie maakt ons minder afhankelijk van politieke conflicten elders.

Op de website windvoorjou is meer te lezen over het hoe en waarom van windenergie. Onderstaande video bevat veel informatie die op een begrijpelijke manier wordt uitgelegd:



 
Categorie: 
Eén windturbine van drie MW in Korendijk voorkomt de uitstoot van zo’n 4.000 ton CO2. Dit is te vergelijken met de CO2-uitstoot van 1.000 personenauto’s die ieder 25.000 kilometers per jaar rijden (bron: EnergieNed). De hoeveelheid energie die nodig is om een windturbine te fabriceren, te plaatsen, te onderhouden en na 20 jaar te verwijderen (de hele levenscyclus), wordt door een windturbine in drie tot zes maanden uit de wind teruggewonnen (bron: Milieucentraal).
 
Categorie: 
Windmolens in zee plaatsen is mogelijk en wordt ook gedaan. De bouw is echter gecompliceerd en op dit moment nog twee tot drie keer duurder dan op land. De fundering en plaatsing van een dergelijke molen is niet eenvoudig. Dicht langs de kust hebben we te maken met vogeltrekroutes. Verderop in zee kun je er lastig bijkomen. Offshore windturbines moeten daarom erg onderhoudsarm zijn en dat is nog niet het geval.
Ondanks dat het op zee veel harder waait en het daarom rendabeler lijkt om alle windturbines daar te plaatsen, is dat op dit moment nog niet het geval. Toch zijn er ontwikkelingen op zee. Eind 2006 is een proefpark in bedrijf gegaan in Egmond aan Zee op ruim acht kilometer buiten de kust (36 turbines / 108 MW). Daarnaast is er het Prinses Amaliawindpark voor de kust van IJmuiden (60 windturbines /120 MW). De verwachting is dat op den duur veel windenergie rendabel op zee kan worden opgewekt. In het SER akkoord staat het voornemen om naast de 6.000 op land ook 4450 MW op zee te realiseren.
Categorie: 

Omgeving

Bij weinig wind draait een windturbine langzaam en is deze nauwelijks hoorbaar. Vanaf windkracht 3 neemt het geluid toe, net als dat van de omgeving door het effect van de wind op bomen en blaadjes. De Rijksoverheid heeft vastgesteld hoeveel windmolengeluid er gemiddeld per jaar op de gevel van uw huis is toegestaan. Hiervoor wordt de speciale maat Lden gebruikt. De afkorting Lden staat voor Level day-evening-night. Er wordt rekening gehouden met verschillende dagdelen (dag, avond en nacht). Omgevingsgeluid wordt ’s avonds en ’s nachts als hinderlijker ervaren dan overdag, omdat het in die periodes buiten stiller is en het geluid van bijvoorbeeld een windmolen daardoor meer opvalt. 

In de 
Wet Milieubeheer is beschreven dat een windturbine gemiddeld per jaar niet meer geluid mag maken dan Lden 47 dB (A) (decibel) op de gevel van uw huis. Dit is vergelijkbaar met een gemiddelde geluidsbelasting van 40 tot 41 decibel. In de norm van Lden 47 dB is ook rekening gehouden met het optreden van laagfrequent geluid, dat een onderdeel van het geluidsspectrum van windturbinegeluid is.
Categorie: 

Als de zon op de mast en de rotor van een windturbine schijnt, veroorzaakt dit een (bewegende) schaduw. We noemen dit slagschaduw. Als slagschaduw op het raam van een woning valt, kan de wisseling tussen schaduw en zon hinderlijk zijn, doordat deze wordt ervaren als flikkering. Dit geldt vooral in het voor- en najaar, als de zon wat lager staat.

Het is wettelijk vastgelegd hoeveel slagschaduw er jaarlijks op uw huis mag vallen. De wet schrijft voor dat de hinderduur door slagschaduw jaarlijks gedurende niet meer dan 17 dagen meer dan 20 minuten mag bedragen. 
 

Om te voorkomen dat de wettelijke norm op het gebied van slagschaduw overschreden wordt, worden er maatregelen genomen. Om hinder op het gebied van slagschaduw te voorkomen, heeft de windmolen een stilstandvoorziening. Windturbines worden zo geprogrammeerd dat zij op tijden waarop ze meer dan wettelijk toegestane slagschaduwhinder veroorzaken én dat de zon schijnt, worden stilgezet. Hiervoor worden de turbines uitgerust met een zonnesensor. Op deze manier wordt nooit meer dan de wettelijk toegestane slagschaduwhinder bij woningen veroorzaakt.


 

Categorie: 
Windturbines en gezondheidsklachten worden regelmatig met elkaar in verband gebracht. Dat gebeurt met name vanwege het geluid van windturbines. Sommige mensen ervaren hinder als zij het gevoel hebben dat hun omgeving of levenskwaliteit verslechtert door de plaatsing van windturbines. Hierdoor kunnen gezondheidsklachten ontstaan. Voor andere directe effecten op de gezondheid is geen bewijs. Dit blijkt uit literatuuronderzoek van het RIVM.
 
Categorie: 
Windmolens moeten aan strenge eisen voldoen als het gaat om veiligheid. Zie op deze website van RVO een overzicht. Alleen windturbines die gecertrificeerd zijn volgens deze normen komen in Nederland in aanmerking voor een omgevingsvergunning. 

Windturbines mogen niet gevaarlijk zijn voor de omgeving. Bijvoorbeeld als een wiek afbreekt of een mast breekt. Ook mag het risico niet te hoog zijn op ongelukken met mensen. Hoe groot de risico's mogen zijn staat in het Activiteitenbesluit milieubeheer (artikel 3.15a).

Voor een kwetsbaar object mag de kans dat deze getroffen wordt door een falende windturbine (afgebroken wiek, mastbreuk) niet groter zijn dan eens in de miljoen jaar. Kwetsbare objecten zijn bijvoorbeeld een woning, een school of een kantoorgebouw. Bij moderne windturbines betekent dit een minimale afstand tot kwetsbare objecten van 140 tot 180 meter (afhankelijk van windturbinetype). De verplichte afstand tot woningen vanwege de geluid- en slagschaduwnormen maakt dat er geen risico's op woningen bestaan als gevolg van een falende windturibne.

Categorie: 
Het plaatsen van windturbines kan effect hebben op dieren, hier gaat het met name om vogels en vleermuizen. Voordat windturbines geplaatst mogen worden dient onderzocht te zijn of er geen onacceptabele effecten te verwachten zijn. De belangrijkste beschermende bepalingen voor vogels en vleermuizen zijn de Flora- en faunawet, Natuurbeschermingswet, Natura 2000-gebieden en de gebieden van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). De Europese Vogel- en Habitatrichtlijnen zijn opgenomen in de nationale wetgeving. Het Alterra-rapport 'Ecologische en natuurbeschermingsrechtelijke aspecten van windturbines op land' geeft een goed overzicht.

In het MER voor windpark Spui wordt uitvoerig onderzoek gedaan naar de te verwachten effecten op flora en fauna. Hiervoor zijn / worden verschillnde veldonderzoeken uitgevoerd.
Categorie: 

Techniek

Windenergie levert nu ca. 5%  procent van onze elektriciteit en dat kan in de toekomst tot 50 procent groeien. Begin 2015 stonden er in Nederland 2.049 windturbines met een gezamenlijk vermogen van 2.847 MW. Deze leveren zo’n 6,5 miljard kWh per jaar. Dat is net zoveel als het verbruik van ruim 1,8 miljoen huishoudens, oftewel bijna 25%  van alle Nederlandse huishoudens (bron: NWEA, CBS en WindStats).Zie ook: CBS; hernieuwbare energie in Nederland.
 
Categorie: 
Een turbine heeft een zeker vermogen, waarmee het energie produceert. Het generatorvermogen van een windturbine geeft aan wat de turbine maximaal kan produceren. Meestal is de productie lager omdat de omstandigheden niet optimaal zijn. Het waait niet altijd en soms is onderhoud nodig. Een turbine van 3.000 kW (3 MW) die op vollast draait gedurende een uur, produceert 3.000 kWh stroom. Een huishouden verbruikt gemiddeld zo'n 3.500 kWh per jaar.

1 MW = 1.000 kW = 1.000.000 Watt
1 MWh = 1.000 kWh = 1.000.000 Wattuur.


 
Categorie: 
Een windmolen heeft een gemiddelde levensduur van zo'n 20 jaar. Over 20 jaar, wanneer de windturbines vervangen zouden moeten worden, kan opnieuw bekeken worden of er behoefte is aan een nieuwe windturbine. Wellicht zijn er over 20 jaar andere vormen van duurzame energie beschikbaar. Eventueel kan de windturbine weer afgebroken worden, zonder schade aan het landschap achter te laten.
 
Categorie: 
Het promotieonderzoek van dr. Bart Ummels (TU Delft) toont aan dat windvermogen tot twaalfduizend MW zonder veel problemen op het Nederlandse net kan worden aangesloten. Deze gegevens worden bevestigd door prof. dr. Kling, hoogleraar elektriciteitsvoorziening aan de TU Delft en de TU Eindhoven en destijds werkzaam bij TenneT (de beheerder van het landelijke hoogspanningsnet). In Noord-Duitsland, Denemarken en Spanje zijn regio’s waar het aandeel windenergie dertig tot veertig procent bedraagt. Hier treden geen problemen op bij de inpassing van windstroom in het landelijk net. Windturbines worden voortdurend verbeterd, waardoor de netinpassing ook in bijzondere situaties eenvoudiger wordt. Met behulp van moderne regeltechnieken (‘slimme netten’) en een sterk elektriciteitstransportnet, is de inpassing van grote hoeveelheden windenergie zonder problemen mogelijk.
Categorie: 
Andere bronnen kunnen eveneens een goede bijdrage leveren een duurzame energie. Ook is forse energiebesparing nodig. De bijdrage van windenergie is echter van substantieel belang.
Grootschalige elektriciteit-, warmte- en brandstofproductie uit biomassa is moeilijk duurzaam te krijgen en nog in ontwikkeling. Bovendien vergt het veel ruimte om biomassa te verbouwen, in Nederland is onvoldoende ruimte om hiermee voldoende energie op te wekken. Bij verbouwing van biomassa in het buitenland, is duur transport nodig wat bovendien weer energie kost. Bovendien kan het telen van biomassa ten koste gaan van de voedselproductie.

Kleinschalige windturbines voor de gebouwde omgeving zijn ook nog in ontwikkeling en relatief duur. Zonneboilers hebben een (huidige) terugverdientijd van circa 10 jaren en zijn concurrerend met fossiele brandstoffen, zij wekken echter geen elektriciteit op maar leveren duurzame warmte. Warmtepompen worden vanwege de rentabiliteit al veel toegepast in de utiliteitsbouw. Zonne-energie opgewekt door zonnepanelen is sterk in opkomst, maar momenteel nog duurder dan windenergie per opgewekt vermogen. Overigens is voor huishoudens de prijs van zonne-energie wel laag (vanwege saldering). Op dit moment is windenergie de meest efficiënte en goedkoopste vorm van opwekken van duurzame energie.
Categorie: 
Hier is geen eenduidig antwoord op te geven omdat er veel verschillende types zijn. Voor windpark Spui is nog geen keuze gemaakt welke windturbinetypes gebouwd gaan worden. Dit hangt mede af van de resultaten in het MER. Op basis van het MER wordt het inpassingsplan opgesteld waarin voorwaarden worden gesteld over de maximale afmetingen. Het windpark moet hier uiteraard aan voldoen.

Moderne windmolens hebben een mast hoogte van 100  tot 140 meter meter en een rotordiameter van eveneens 100 tot 140 meter.
Categorie: 
Ja, Dit heeft te maken met de wettelijke eisen die gesteld zijn aan obstakels hoger van 100 meter. Dit in verband met vliegverkeer zoals: burgerluchtvaart, reddingshelikopters, militair vliegverkeer, KLPD, vliegscholen.
Ja, dit heeft te maken met de wettelijke eisen die gesteld zijn aan obstakels hoger van 100 meter. Dit in
verband met vliegverkeer zoals: burgerluchtvaart, reddingshelikopters, militair vliegverkeer, KLPD,
vliegscholen.

Hoe de verlichting er precies uit gaat zien is nog onbekend. Momenteel loopt er een onderzoek  waarin drie verschillende verlichtingsvarianten worden geanalyseerd. Dit zijn:

 
  1. Contourverlichting; alleen de windmolens aan de randen van het windpark krijgen verlichting, waarbij ook wordt onderzocht of de verplichte maximale afstand van 900 meter tussen de overgebleven obstakellichten aan de randen vergroot kan worden.
  2. Vast brandend; de flitsende rode lampen van de contourverlichting branden tijdens de avonden nachtperiode continu in plaats van knipperend.
  3. Variatie lichtintensiteit; door installatie van een helderheidssensor branden bij helder weer de lampen van variant 2 minder fel en bij slecht weer (regen, mist, sneeuw) feller.
Categorie: 

Financiën

De exploitant van een windmolen krijgt subsidie per kilowattuur die hij produceert. Dat is nodig omdat stroom uit wind duurder is dan ‘grijze’ stroom: het opwekken van stroom uit wind kost ongeveer 8 cent per kilowattuur, terwijl het op de handelsmarkten ongeveer 5 cent oplevert. Het verschil is de subsidie die de minister geeft om groene stroom te kunnen laten concurreren op de energiemarkten.

De consument betaalt thuis ca. 23 cent per kilowattuur, waarvan ca. 14 cent energiebelasting is. Uit deze energiebelasting  wordt het verschil tussen de productiekosten en de prijs op de handelsmarkt betaald.
Categorie: 
Een rechtstreekse vergelijking van de huidige marktprijs van elektriciteit met de kostprijs van windenergie gaat mank. Want niet alle kosten die te maken hebben met de productie van elektriciteit uit fossiele brandstoffen, worden in de marktprijs doorberekend. Deze ‘onzichtbare’ of externe maatschappelijke kosten van de productie van elektriciteit uit fossiele brandstoffen zijn aanzienlijk. Denk aan luchtverontreiniging, (kern-)afval, klimaatverandering, opwarming van oppervlaktewater, volksgezondheid, calamiteiten van olieverontreiniging op zee en ongelukken in de mijnbouw bij de winning van kolen. Volgens een omvangrijke Europese studie bedragen deze kosten in Nederland voor kolen 3 á 4 ct per kWh en voor gas 1 á 2 ct per kWh (bron: ExternE, EU). Deze externe kosten worden op dit moment niet meegerekend in de elektriciteitsprijs. Ze komen dus niet via de elektriciteitsrekening bij de burger, maar uiteraard krijgt de burger de rekening wel op een andere manier gepresenteerd: via belastingen, verzekeringen, kosten voor dijkverzwaring, gezondheidszorg en luchtvervuiling en de gevolgen van olie- en mijnrampen. Windenergie veroorzaakt slechts ca. 0,1 ct per kWh aan externe maatschappelijke kosten. Windenergie is schoon, er is geen uitstoot van CO2 of fijnstof, er wordt geen afval geproduceerd en er is geen koelwater nodig. Als de externe maatschappelijke kosten eerlijk zouden worden toegerekend, blijkt dat windenergie op land nu al concurrerend is ten opzichte van elektriciteit uit gas of kolen.
Categorie: 
Uit onderzoek van de Vrije Universiteit Amsterdam en Universiteit van Amsterdam blijkt dat windturbines in een straal van 2 kilometer tot een daling van de woningwaarde kunnen leiden van gemiddeld 1,4 tot 2,3%. De daadwerkelijke daling verschilt per locatie en is onder andere afhankelijk van afstand tot de turbine en zicht op de turbine. Het maakt daarbij niet uit of het om één enkele turbine of meerdere turbines gaat. Het is zogezegd de eerste turbine die het effect veroorzaakt, turbines daarna veroorzaken dit effect niet (nog eens). Onder het menu 'documenten' op deze website kunt u het onderzoek terugvinden.
Categorie: